HYPERICUM 4 maart 2005


Excursieverslagen FWT-FLORON 2004

P.F. Stolwijk & O.G. Zijlstra


Haaksbergen 8 mei; 7 deelnemers

Bij Eibergen, in het uiterste zuiden van ons district, werd km-hok 246-459 (Vossebulten) onder de loep genomen. In totaal streepten we 171 soorten, waaronder enkele bijzondere. Zo vonden we in een omgewerkte berm Sisymbrium orientale (Oosterse raket), die bij ons alleen bekend was van het stedelijk gebied van Enschede en Hengelo. Aan de rand van een dichtgroeiend heitje met onder meer Myrica gale (Gagel) en Trichophorum cespitosum subsp. germanicum (Gewone veenbies) zagen we een 2 meter hoge struik Vaccinium corymbosum (Trosbosbes), de achtste vondst van deze soort in ons FLORON-district. Opvallend was ook een grote populatie Taraxacum celticum, microsoort frugale (Schraallandpaardenbloem), dominant over enkele honderden meters onderaan het talud van de Koffijgoot, hier en daar vergezeld van Carex nigra (Zwarte zegge) en op één plek samen met Viola palustris (Moerasviooltje). In de watergang zelf bloeide Ranunculus aquatilis (Fijne waterranonkel), in Twente bepaald zeldzaam.


Eelen - Marle 12 juni; 7 deelnemers

Deze excursie moest de vorig jaar verregende excursie aan de Regge vervangen. Ongelukkigerwijze was er een misverstand over het verzamelpunt, waardoor Johan Alferink, die ons graag gegidst had, ons miste. Maar omdat Maarten Zonderwijk (Waterschap Regge & Dinkel) verscheen, konden we toch op een aantal mooie plekjes rondkijken.

Eerst bezochten we een terrein in km-hok 228-492 (Marsdijk), dat een natuurbestemming heeft. Het bevat o.a. een oude Regge-meander. Bijzonderheden hier waren Callitriche obtusangula (Stomp sterrenkroos), Carex arenaria (Zandzegge), Eleocharis acicularis (Naaldwaterbies), Ranunculus lingua (Grote boterbloem) en Sanguisorba officinalis (Grote pimpernel). Het hok was al goed gedaan, maar met 179 streepjes, waarvan 17 nieuwe, kwam het hok op een totaal van 252 soorten.

Het tweede gebied was een natuurontwikkelingsterrein, in km-hok 228-493 (Leemkampweg), met enige moeite gespaard voor ontginning. En gelukkig maar, want we vonden er een aantal heel leuke soorten, sommige al bij Maarten bekend, andere nieuw. Met name de vaatsporeplanten waren goed vertegenwoordigd.

Het meest bijzonder was natuurlijk een welige groeiplaats van Lycopodium clavatum (Grote wolfsklauw), reeds eerder door Maarten ontdekt. De soort staat zwaar onder druk, en is op verschillende plaatsen rond Nijverdal verdwenen (mededeling Johan Alferink). Daarom is het bijzonder fijn te constateren dat nieuwe vestigingen ook voorkomen. Maar ook Lycopodiella inundata (Moeraswolfsklauw) was er in aantal te vinden. Deze soort komt in Twente in bijna elk vochtig natuurontwikkelingsterrein wel voor.

Van de varens vonden we o.a. Blechnum spicant (Dubbelloof), Osmunda regalis (Koningsvaren), met veel jonge planten, en Thelypteris palustris (Moerasvaren), in Twente een bijzondere soort.

Overige leuke soorten: Carex arenaria, een verdwaalde Datura stramonium (Doornappel), Filago minima (Dwergviltkruid), vele duizenden, Genista anglica (Stekelbrem), Solidago virgaurea (Echte guldenroede).

Ook dit hok was al goed gedaan. Met 94 waarnemingen (19 nieuwe) kwam het hok op een totaal van 277 soorten.


Albergen 3 juli; 7 deelnemers

Vanaf de kerk in Albergen maakten we een vier kilometer lange wandeling, die ons door de km-hokken 248-488 (Albergen), 247-488 (Assinkshoek) en 247-489 (Fleer) voerde. In 248-488 werden 127 algemene soorten gestreept. In 247-488 noteerden we 129 soorten, met als bijzonderheden Crepis setosa (Borstelstreepzaad) en Picris echioides (Dubbelkelk), aan de Assinkshoekweg. Vanuit km-hok 247-489 (met 114 soorten) werd de aandacht getrokken door Hieracium (Havikskruid) in een eikenhoutwal, net over de grens met 248-489 (Stamshoek). Hier vonden we over een lengte van 20 meter Hieracium umbellatum (Schermhavikskruid) in knop, en H. laevigatum (Stijf havikskruid), deze in volle bloei. Daartussen groeiden (deels bloeiende) planten met intermediaire kenmerken, mogelijk een tussenvorm. Binnen Hieracium valt nog heel wat te onderzoeken!


Ommerkanaal - Arriërveld 11 september; 8 deelnemers

Deze laatste excursie van het seizoen was met name gericht op waterplanten. We hebben twee km-hokken gedaan: 225-508 (Ommerkanaal Emsland) en 225-509 (De Haar), die grotendeels dezelfde soorten opleverden.

Versterkt met drie leden van de Plantenwerkgroep Hardenberg inventariseerde we de bermen en het water van het Ommerkanaal. We hadden de stille hoop dat we enige exoten zouden zien, maar dat is niet gelukt.

De tweede vondst in Twente (in km-hok 225-508) van Potamogeton x decipiens [=P. lucens x P. perfoliatus] (Wilgfonteinkruid) maakte alles goed. Verder vonden we de hier te verwachten soorten Stratiotes aloides (Krabbescheer), Utricularia vulgaris (Gewoon blaasjeskruid). Laatstgenoemde was ook in km-hok 225-509 present. Aardig was ook de bastaard Silene x hampeana [=S. dioica x latifolia subsp. alba]

In 258-508 noteerden we 162 soorten, terwijl 258-509 goed was voor 142 soorten, wat tevens de eindstand is.


Aan de excursies namen deel:
Jacques Bielen, Wytze Boersma, Annie Böhm, Carla Duurland, Jaap Groot, Gerrie Kelder, Gerrit Meutstege, Jan Meutstege, Betsy Milner, Andries van Renssen, Jo Schunselaar, Peter Spee, Pieter Stolwijk, Gerrit Welgraven, Otto Zijlstra, Maarten Zonderwijk, Jan Zwienenberg.