Nieuwsbrief FLORON-FWT 1 februari 1990


Jaarverslag FLORON-FWT1989

P.F. Stolwijk


Abstract

The history of the Flora Workgroup Twente (FWT) is described. The FWT was founded in 1978 and has worked on a survey of all the 'wild' plants in Twente (eastern part of the prov. of Overijssel, the Netherlands). The results were incorporated in the "Atlas van de Nederlandse Flora" (1980-1989; 3 volumes). With the start of FLORON (Stichting Floristisch Onderzoek Nederland), the FWT undertook a new survey on a scale of 1 km2. FLORON demands to separate the data of one year.

There are two main projects.

The results for the general project: 727 taxa of the 'Standard List of the Dutch flora' (out of 1437) were found. (From 1978 till 1988, the FWT found 862 taxa from the 'Standard List'.)
91 taxa from the 'Attractive Species' were observed.
Data were reported from 420 km-squares (out of approximately 1800 km-squares in FLORON district Twente).



De voorgeschiedenis

Sinds 1978 is de Floristische Werkgroep Twente actief. Van meet af aan heeft de werkgroep zich bezig gehouden met het inventariseren van de Twentse flora. Daartoe werden elk jaar gezamenlijke excursies gehouden. Tijdens deze excursies werden de waarnemingen van alle 'wilde' planten per vierkante kilometer op streeplijsten vastgelegd. Daarnaast gingen vele leden zelf op pad om te inventariseren. De resultaten zijn, behalve op de streeplijsten, ook vastgelegd op verspreidingskaartjes. De gegevens zijn bovendien aan het Rijksherbarium te Leiden gezonden, waar ze gebruikt zijn bij de samenstelling van de Atlas van de Nederlandse Flora, waarvan het laatste (derde) deel in december 1989 eindelijk is verschenen. Omdat het oorspronkelijk de bedoeling was het Atlasproject in 1980 af te sluiten, is de Werkgroep in 1981 een nieuwe inventarisatie-ronde gestart. In de loop der jaren is een omvangrijk archief met waarnemingen ontstaan. Daar (behalve van de laatste twee jaren) de gegevens niet in de computer zijn opgeslagen, is zelfs bij benadering niet aan te geven hoeveel waarnemingen in dit archief te vinden zijn. Sinds 1979 is van de interessante vondsten steeds melding gemaakt in het Jaarverslag van de Werkgroep. Het oosten en het zuiden van Twente zijn de best onderzochte gebieden, wat samenhangt met de woonplaats van de meest actieve leden.

Ook anderen hebben in Twente geïnventariseerd (Provincie Overijssel, Instituut voor Aquatische Oecologie van de Universiteit Nijmegen, enz.), maar de resultaten hiervan zijn ons niet bekend. Ook plaatselijk zijn er groepen actief; hiervan hebben wij echter evenmin kennis. Publicatie van de gegevens van de FWT heeft niet plaats gevonden.

De start van FLORON was voor de FWT aanleiding om wederom een nieuwe ronde te starten. FLORON vraagt namelijk de gegevens van elk jaar gescheiden te houden.


Het eerste FLORON-veldseizoen

- Veldmedewerkers
Zoals gezegd, verleent de FWT als groep medewerking aan FLORON door het houden van excursies. Maar daarnaast is er veel werk verricht door leden van de FWT individueel, door andere groepen (Denekamp, Almelo, Nijverdal) en door individuele medewerkers van FLORON.

- Verwerking
Alle binnengekomen gegevens zijn (onder een afkorting van de wetenschappelijke naam) 'in de computer gestopt'. Van elke veldmedewerker is een apart bestand (VM-bestand) gemaakt; daarin zijn ook de twijfelachtige opgaven opgenomen. Een van de taken van de districtscoördinator (DC) is het om controle uit te oefenen op de juistheid van de opgaven. Daarom heb ik de medewerkers, indien daar aanleiding toe was, een lijst met 'vraagtekens' gestuurd. Daarop stond het volgende aangegeven: kennelijke vergissingen, vermoedelijke streepfouten, mogelijke determinatiefouten, verzoek om nadere inlichtingen of bewijs in de vorm van herbarium- of fotomateriaal. Wanneer over een vraagteken opheldering was gegeven, is de opgave geaccepteerd, gecorrigeerd of verwijderd. Niet opgehelderde vraagtekens zijn in het VM-bestand gelaten.
In het geval van gezamenlijke excursies zijn de lijsten opgenomen in het VM-bestand van diegene die de lijsten heeft geleverd; excursies van de FWT zitten in het FW-bestand.
Op basis van deze bestanden heb ik een algemeen bestand gemaakt met koppeling aan een basisbestand (dat is een basisregister van 'Nederlandse' planten, waarin opgenomen: standaardafkorting, wetenschappelijke naam, Nederlandse naam, computernummer, aandachtssoort, standaardlijstsoort, frequentie in Twente). In dit algemeen bestand zijn de 'vraagtekens' niet opgenomen en evenmin aangeplante, niet verwilderde soorten, vnl. bomen en struiken: bv. Douglasspar (Pseudotsuga menziesii).
Op termijn gaan de gegevens naar Leiden (Rijksherbarium, waar FLORON is ondergebracht) ter verwerking door het Centraal Bureau voor de Statistiek.

- A.A.-project
In het Attractieve Aandachtssoorten-project wordt Nederland onderzocht op het voorkomen van 105 opvallende en onmiskenbare plantensoorten waaraan een zekere indicatiewaarde voor de toestand van het milieu wordt toegekend.
Van de A.A.-soorten zijn er, naar gegevens van de FWT, 9 soorten (tot nog toe) nooit in Twente aangetroffen; van de overige 96 soorten zijn er 70 in Twente tamelijk algemeen tot algemeen en 26 zeldzaam tot zeer zeldzaam. Dat garandeert dat een onderzoek naar A.A.-soorten in een 'Twents' kilometerhok (km-hok) altijd succesvol zal zijn; in andere streken van het land ligt dat niet steeds zo gunstig.
Er zijn in totaal 91 aandachtssoorten gemeld (dus slechts 5 potentiële niet!).
De meest gevonden soort is de Pinksterbloem (Cardamine pratensis): 152 km-hokken; tweede is de Grote wederik (Lysimachia vulgaris): 137 km-hokken, terwijl de Wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum) met 124 km-hokken verrassende derde is.
Het hoogste aantal werd genoteerd in km-hok 28.26.43 (coördinaten 247-491) en km-hok 28.57.45 (coördinaten 254-476): in beide hokken zijn 33 A.A-soorten gevonden.

- Algemeen project
Het Algemeen project heeft tot doel het voorkomen van alle 'Nederlandse' soorten te inventariseren.
In totaal is in 1989 een zeer hoge score bereikt: ruim 25.000 opgaven. Na aftrek dubbele opgaven (veldmedewerkers lopen soms in hetzelfde hok!) blijven er 22.647 over, ongerekend de vraagtekens. Deze totaalscore zal nog iets hoger uitvallen, wanneer een aantal determinaties met vraagteken in Leiden op juistheid is gecontroleerd.

Kaart Standaardlijst 1989

- taxa
In Twente is ons recent het voorkomen van 862 taxa ('soorten') bekend. Ter vergelijking: de Standaardlijst van de Nederlandse Flora telt 1437 taxa.
Dit seizoen zijn er 727 taxa van de standaardlijst genoteerd en 53 overige (adventieve, verwilderde) soorten.
Er zijn 22 taxa in meer dan 150 km-hokken genoteerd met als koploper Grote brandnetel (Urtica dioica).
Behalve deze algemene tot zeer algemene soorten zijn er ook juist hele zeldzame (terug)gevonden, zowel in als buiten natuurreservaten.

- km-hokken
Het district Twente telt ruim 1800 km-hokken.
In totaal zijn er gegevens binnengekomen uit 420 km-hokken.
180 hokken met minder dan 10 taxa ( = terloops onderzocht).
63 hokken met 10 tot 50 taxa ( = weinig onderzocht).
135 hokken met 50 tot 150 taxa ( = matig onderzocht).
42 hokken met 150 of meer taxa ( = goed onderzocht).
De hoogste score voor het Algemeen project is behaald in km-hok 34.17.25 (coördinaten 254-473): 272 taxa van de standaardlijst en 2 overige soorten.


Conclusie

Het seizoen 1989 is een groot succes geworden, zowel kwantitatief als kwalitatief. Het is met name verheugend dat het terrein van de vliegbasis Twente zo grondig is onderzocht. Ook het toegenomen aantal actieve floristen stemt tot optimisme voor de toekomst van de projecten. Alle veldmedewerkers wil ik zeer hartelijk danken voor hun inzet.


Literatuur
Mennema, J., A.J. Quené-Boterenbrood & C.L. Plate (1980). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel 1. Uitgestorven en zeer zeldzame planten.

Mennema, J., A.J. Quené-Boterenbrood & C.L. Plate (1985). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel 2. Zeldzame en vrij zeldzame planten.

Meijden, R. van der, C.L. Plate & E.J. Weeda (1989). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel 3. Minder zeldzame en algemene soorten.