| Nieuwsbrief FLORON-FWT 8 | februari 1993 |
J.W. Bielen, P.F. Stolwijk & O.G. Zijlstra
New records of interesting species found in Twente (prov. of Overijssel, the Netherlands) in 1992, among them first records for Twente of Highland Bent (Agrostis castellana), Slender Mugwort (Artemisia biennis), California Brome (Ceratochloa carinata), Pedunculate Water-starwort (Callitriche brutia), Greater Knapweed (Centaurea scabiosa), Rough Hawk's-beard (Crepis biennis), Cyperus esculentus, the hybrid Common Toadflax x Pale Toadflax (Linaria x sepium), Interrupted Clubmoss (Lycopodium annotinum), Squirreltail Fescue (Vulpia bromoides).
Tweetoppig struisgras (Agrostis castellana): Bentelo, open plek in bos. (241-472). Eerste vondst in Twente. De soort is vermoedelijk al geruime tijd in Nederland aanwezig, maar is pas onlangs herkend. (Opg. P. Spee)
Helm (Ammophila arenaria): oost van Ommen (228-505). Oude zandverstuiving bij de Vecht. Waarschijnlijk ooit aangeplant. Ook (1989) te Mariënberg gevonden. (Opg. A. Huizinga)
Fijne kervel (Anthriscus caucalis): bij Mariënberg, aan de spoorbaan (231-502). Tweede vondst in ons district. Zie Bielen & al. (1992). (Opg. A. Huizinga)
Korensla (Arnoseris minima): Enschede, Scholengemeenschap Zuid (258-469). Rode Lijst 1. Op ditzelfde terrein is
de soort tijdens de bouw van de school in 1981 ook gevonden. Ten onrechte is de vondst uit 1981 in de Atlas van de Nederlandse Flora
(Mennema & al. 1980) als adventief afgedaan. De huidige vondst is de eerste melding sindsdien in
Twente.
Korensla, een plant van graanakkers (Winterrogge) op zure grond, is momenteel zo goed als uit Twente verdwenen. In februari 1992 is
naast de school een terrein ingericht ten behoeve van het vak biologie; er is een vijver gegraven, waaromheen de vrijgekomen grond is
gestort.
In juni stond op de overgang van de bestaande schrale vegetatie van zure grond naar het braakliggend gedeelte de Korensla in bloei.
Kennelijk heeft de soort zowel in 1981 als in 1992 geprofiteerd van het grondverzet. Aanvoer van de zaden van elders is onwaarschijnlijk:
de zaden hebben geen vruchtpluis zoals vele andere Composieten. Hoewel de soort te boek staat als najaarskiemer (winterannuel), is het haar
in dit geval blijkbaar gelukt om in het voorjaar te ontkiemen en in hetzelfde jaar in bloei te komen. (Opg. P.F. Stolwijk)
Rechte alsem (Artemisia biennis): Enschede, industrieterrein de Marssteden (252-470; 253-470). Eerste vondst in Twente. De FWT kent deze soort uit het gebied van Rijn en Waal (Zijlstra 1991), waar zij wel is ingeburgerd. Of dat ook in Twente gaat gebeuren, moet afgewacht worden. (Opg. P.F Stolwijk)
Tongvaren (Asplenium scolopendrium): Veendijk, gem. Losser (260-477). In de beschoeiing van een beek. (Opg. J. Schunselaar)
Bevertjes (Briza media): Kanaal Almelo-Nordhorn (257-488). Tweede vindplaats in Twente. In dit km-hok door ons sinds 1982 niet meer gezien. Misschien kan hier ook de Vierzadige wikke (Vicia tetraperma subsp. tetrasperma) weer teruggevonden worden. (Opg. G. Euverman)
Gelobde maanvaren (Botrychium lunaria): bij Markelo (231-476). Rode Lijst 3. Tweede vindplaats in Twente. De soort was vroeger van dit terrein bekend, maar al jaren niet meer gezien. Hier ook Addertong (Ophioglossum vulgatum). (Opg. P.F. Stolwijk & O.G. Zijlstra)
Gekielde dravik (Ceratochloa carinata, [syn. Bromus carinatus]): Hengelo, IJsselstraat (249-474), berm (Opg. P.F.
Stolwijk). Losser (265-474), verwaarloosd boerenerf (Opg. J.Maresch).
Eerste vondst in Twente. De soort is in Midden-Nederland (Wageningen - Apeldoorn) sinds 1945 aan het inburgeren.
Slangenwortel (Calla palustris): Vriezenveen e.o. (239-496; 239-497; 240-497; 242-496). Deze soort, waarvan de eerste vondst in 1989 (Hondeven) en de tweede in 1990 (Engbertsdijkvenen) werd gemeld, blijkt rond Vriezenveen op diverse plaatsen voor te komen (Opg. C. Abbink-Meijerink; O.G. Zijlstra). De Atlas geeft twee vindplaatsen van voor 1950 in dit gebied.
Gesteeld sterrenkroos (Callitriche brutia): bij Gramsbergen (245-514). Eerste vondst in Nederland. (Zijlstra 1992.) (Opg. O.G. Zijlstra)
Grote centaurie (Centaurea scabiosa): Hengelo (250-473). Rode Lijst 3. Eerste vondst in Twente. De vondst is al in 1991 gedaan, in hetzelfde graslandje als waar toen de Ruige weegbree (Plantago media) is gevonden (Bielen & al. 1992). Omdat er destijds geen herbariummateriaal is verzameld, is publikatie achterwege gebleven. Dit jaar bleek de plant er weer te staan en bovendien op een plaats elders in hetzelfde km-hok. Er zijn geen directe aanwijzingen voor zaai of aanplant. De soort komt voornamelijk in Zuid-Limburg en het oostelijke rivierengebied voor. (Opg. P.F. Stolwijk)
Groot streepzaad (Crepis biennis): Almelo, Schelfhorst (242-487). Eerste vondst in Twente. In park; grasland dat eens per jaar wordt gemaaid. Er zijn geen directe aanwijzingen voor zaai. De soort komt voornamelijk voor in Zuid-Limburg en het rivierengebied. Er bestaat groot gevaar voor verwisseling met het bij ons algemene Klein streepzaad (Crepis capillaris). Zie de Flora voor de verschillen. Groot streepzaad is in 1992 ook in Enschede aangetroffen, maar is daar overduidelijk uitgezaaid. (Opg. A. Huizinga)
Knolcyperus (Cyperus esculentus): bij Markelo, in maïsakker (233-477). Eerste vondst in Twente. Sinds begin van de jaren '80 als onkruid in maïsakkers bekend. (Opg. C. Abbink-Meijerink)
Bruin cypergras (Cyperus fuscus): Saasveld (250-487). Rode Lijst 4. In een slootje. De soort is in 1985 gevonden op de vliegbasis Twente. Overigens een soort van slikkige, drooggevallen oevers in het rivierengebied. (Opg. O.G. Zijlstra)
Rood peperboompje (Daphne mezereum): Diepenheim (237-470). Rode Lijst 1. Al lang op deze plaats bekend, maar nieuw voor de FWT. (Opg. O.G. Zijlstra)
Bleekgele droogbloem (Gnaphalium luteo-album): Enschede, twee plaatsen, tussen stoeptegels (256-471, opg. O.G.Zijlstra & P.F. Stolwijk; 258-473, opg. M. Hospers); Wierden, in gruis (236-486, opg. C. Abbink-Meijerink). Enerzijds een in Twente zeer zeldzame soort van pioniervegetaties (zo dit jaar bij Denekamp); anderzijds een plant die steeds meer op opgespoten terreinen en tussen straattegels verschijnt, vooral in het westen van Nederland.
Aardaker (Lathyrus tuberosus): Hengelo (252-415). Nog steeds op het spoorwegterrein waar de soort ook in 1978 en 1986 is gevonden. Enige (zekere) vindplaats in Twente. (Opg. O.G. Zijlstra)
Gestreepte leeuwenbek x Vlasbekje (Linaria x sepium): Wierden, spoorwegterrein (236-486). Eerste vondst in Twente. Tussen de stamouders. (Opg. C. Abbink-Meijerink)
Stekende wolfsklauw (Lycopodium annotinum): De Lutte (262-479). Rode Lijst 4. Eerste vondst in Twente na 1950. Enige huidige vindplaats in Twente. (Opg. O.G.Zijlstra & P.F. Stolwijk)
Kleinbloemig kaasjeskruid (Malva parviflora): Oldenzaal, berm nieuwe snelweg (257-479). Adventieve soort die een enkele maal in Nederland wordt aangetroffen. (Opg. P.F. Stolwijk) (1)
Akkerleeuwenbek (Misopates orontium): Stokkum (231-468; 232-468). Rode Lijst 3. Nieuw voor de FWT. (Opg. O.G. Zijlstra)
Draadgierst (Panicum capillare): Enschede (253-470 en 259-470, opg. P.F. Stolwijk; 253-473, opg. O.G. Zijlstra). Op drie plaatsen rond Enschede gevonden. Adventief.
Zwartblauwe rapunzel (Phyteuma spicatum subsp. nigrum): Kanaal Almelo-Nordhorn (257-488, opg. G. Euverman). Aan het
kanaal nog nooit waargenomen.
Bij Boekelo (250-469 en 251-469). Het betreft hier twee nieuwe km-hokken in een gebied waar de soort al lang van diverse plaatsen bekend is
(Weeda, ongepubliceerd verslag). (Opg. P.F. Stolwijk)
Postelein (Portulaca oleracea): Enschede (256-471, opg. O.G. Zijlstra); Nijverdal (236-495, opg. J. Alferink); Losser (265-475, opg. J. Kers). Een soort die meestal alleen in warme zomers tot ontwikkeling komt en dan vaak tussen straattegels staat.
Ongelijkbladig fonteinkruid (Potamogeton gramineus): Bornerbroek (239-477). Rode Lijst 3. In 1991 en 1992 in geschoonde poel. Ons alleen bekend (tot 1985) van het Herikervlier. Daar nu niet meer te vinden. (Opg. M. Zonderwijk)
Schijnaardbei (Potentilla indica): Denekamp (265-489). Een soort die, naar het schijnt, gemakkelijk verwildert. (Opg. H. Stoltenkamp)
Klein wintergroen (Pyrola minor): Markelo, Herikerberg (232-473). Rode Lijst 3. Deze vindplaats was de FWT niet bekend. Zie Stolwijk (1991).
Witte waterranonkel (Ranunculus ololeucos): Twickel, geschoond ven (244-479, opg. O.G. Zijlstra); bij Mariënberg, op twee plaatsen in een slootje (233-505 en 234-505, opg. A. Huizinga). Rode Lijst 2. Was in het gebied van de Overijsselse Vecht nooit eerder waargenomen. Nu van 5 plaatsen in district Twente e.o. bekend.
Viltroos (Rosa villosa): Kanaal Almelo-Nordhorn (261-489). Rode Lijst 3. Hier volgens de vinder al lang bekend. Vorig jaar niet gepubliceerd wegens ontbreken van herbariummateriaal. Enige ons bekende vindplaats in Twente. (Opg. H. Stoltenkamp)
Zacht loogkruid (Salsola kali subsp. ruthenica): Oldenzaal, industrieterrein Hanzepoort (259-478). Tweede vondst FWT in Twente. (Opg. P.F. Stolwijk)
Klein kruiskruid var. hybernicus (Senecio vulgaris var. hybernicus): Haaksbergen (246-461, opg. O.G. Zijlstra); Wierden, station (236-486, opg. C.G. Abbink-Meijerink). Tweede en derde vondst in Twente van de straalbloemvorm van Klein kruiskruid.
Glansbesnachtschade (Solanum physalifolium [syn. S. nitidibaccatum]): Enschede (256-471). Op dezelfde plaats ook in 1981 en 1986 gezien. Wij kennen de soort voornamelijk van strandjes in het rivierengebied (Stolwijk 1990). Enige Twentse vindplaats. (Opg. O.G. Zijlstra)
Blonde egelskop (Sparganium erectum subsp. neglectum): Vriezenveen (239-497; 240-491; 241-495, opg. C.G. Abbink-Meijerink; 240-492, opg. M.H. Dimmendaal-ten Kate). Deze ondersoort blijkt rond Vriezenveen en verder noordelijk tamelijk gewoon te zijn.
Moerasvaren (Thelypteris palustris): bij Mariënberg (233-504, opg. A. Huzinga); Vroomshoop (234-497, opg. O.G. Zijlstra). Tot nog toe is ons slechts een andere vindplaats in Twente bekend.
Aardbeiklaver (Trifolium fragiferum): Wierden (238-487). Tweede recente vondst in Twente. Aan de kleiige afslagoever van een bergingsvijver. De soort komt in het rivierengebied en in het brakwatergebied in vergelijkbare omstandigheden voor. Zie Stolwijk (1990). (Opg. O.G. Zijlstra)
Moeraszoutgras (Triglochin palustris): Rheezermaten (236-508, opg. C.G. Abbink-Meijerink); Daarlerveen (236-495, opg. FWT; (Zie Bielen & al. 1993); Fayersheide (28.25). Een in Twente e.o. zeer schaarse soort. In Daarlerveen aan een afwateringskanaal gevonden; elders alleen uit natuurreservaten bekend.
IJzerhard (Verbena officinalis): Goor, aan Twentekanaal (246-471); Delden, aan bospad! (34.16). Rode Lijst 3. Tot nog toe alleen in Almelo en Wierden (spoorwegterreinen) gevonden. (Opg. J. Clason)
Lathyruswikke (Vicia lathyroides): Nijverdal (231-486). Derde vondst Twente. (Opg. J. Alferink)
Vierzadige wikke s.s. (Vicia tetrasperma subsp. tetrasperma): bij Markelo (231-475); Oldenzaal (260-479). Was ons sinds 1982 niet meer bekend; toen in hetzelfde km-hok als Bevertjes. (Opg. O.G. Zijlstra). Voor 1981 in 4 km-hokken aangetroffen.
Eekhoorngras (Vulpia bromoides): Wierden (236-486). Rode Lijst 3. Eerste vondst in Twente. De soort lijkt veel op Gewoon langbaardgras (Vulpia myosuroides), waartussen zij door de vindster is aangetroffen. (Opg. C.G. Abbink-Meijerink)
Met dank aan Wout Holverda (Rijksherbarium, Leiden) voor de verrichte controle van enige determinaties.
Bielen, J.W., P.F. Stolwijk & O.G. Zijlstra (1993). Excursieverslagen FLORON-FWT 1992. Nieuwsbrief FLORON-FWT 9.
Mennema, J., A.J. Quené-Boterenbrood & C.L. Plate (1980). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel 1: 105. Uitgestorven en zeer zeldzame planten.
Mennema, J., A.J. Quené-Boterenbrood & C.L. Plate (1985). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel 2. Zeldzame en vrij zeldzame planten, p. 72.
Stolwijk, P.F. (1990). Excursies naar de Rijn. Nieuwsbrief FLORON-FWT 1.
Stolwijk, P.F. (1990). Bijzondere vondsten FLORON-FWT 1989. Nieuwsbrief FLORON-FWT 1.
Stolwijk, P.F. (1991). Bijzondere vondsten FLORON-FWT 1990. Nieuwsbrief FLORON-FWT 5.
Zijlstra, O.G. (1991). Excursieverslagen FLORON-FWT 1990. Nieuwsbrief FLORON-FWT 5.
Zijlstra, O.G. (1992). Gesteeld sterrenkroos (Callitriche brutia Petagna) bij Gramsbergen, nieuw voor Nederland. Nieuwsbrief FLORON-FWT 7.
Zijlstra, O.G. (1992). Gesteeld sterrenkroos (Callitriche brutia Petagna) nieuw voor Nederland. Gorteria 18: 122-124.